Je team gebruikt al AI. Weet je ook wat het oplevert?
Volgens de MKB Barometer 2026 zeggen zeven op de tien ondervraagde ondernemers en managers dat hun bedrijf AI gebruikt, ruim twee keer zoveel als een jaar eerder. Bijna de helft van alle ondervraagden weet niet goed hoe. Wat de cijfers zeggen, wat niet, en hoe je van los gebruik naar meetbaar resultaat gaat.
Rogier van Essen · Founder··9 min lezen
Zeven op de tien ondernemers en managers in het MKB zeggen dat er binnen hun bedrijf AI wordt gebruikt. Dat blijkt uit de MKB Barometer 2026 van Exact, een online enquête onder 1.719 ondernemers en managers. Een jaar eerder was dat 33 procent, twee jaar eerder 6 procent.1 Ruim een verdubbeling in één jaar.
In dezelfde barometer is 47 procent het eens met de stelling ‘We weten niet goed hoe we gebruik kunnen maken van AI’.1 Die twee cijfers kunnen tegelijk kloppen. Een bedrijf kan AI ‘gebruiken’ omdat een paar medewerkers er zelf mee aan de slag zijn gegaan, zonder dat iemand heeft bepaald waarvoor en met welke gegevens. Dat is op zich geen probleem. Het wordt er een als niemand weet waar het gebeurt en of het iets oplevert.
Wat de MKB Barometer meet, en wat niet
De barometer is een online enquête die Markteffect in het eerste kwartaal van 2026 in opdracht van Exact hield, onder ondernemers en managers van MKB-bedrijven met 2 tot 250 werknemers. Het is de tiende editie.1 De AI-vraag is breed, en het rapport geeft er geen definitie van AI bij: ‘Wordt er binnen uw bedrijf gebruik gemaakt van AI?’ Een ja kan betekenen dat er een AI-toepassing in de orderverwerking draait, maar net zo goed dat één collega af en toe een mail door een chatbot haalt.
Het CBS komt op een ander getal uit. Volgens voorlopige cijfers gebruikte in 2025 een op de zes bedrijven met twee of meer werkzame personen AI: 17 procent. Bij bedrijven met 2 tot 10 werkzame personen was dat 14 procent, bij bedrijven met 50 tot 250 werkzame personen 45 procent.2 Ander jaar, andere vraag, andere groep bedrijven: de twee cijfers zijn niet één op één te vergelijken. Een brede vraag zoals die van Exact kan ook het losse gebruik meetellen dat nergens is vastgelegd. Meer over de CBS-cijfers lees je in AI-adoptie in het MKB: wat de cijfers wél en niet zeggen.
Wat wel opvalt, is hoe breed het gebruik is. Per sector loopt het uiteen van 82 procent in de zakelijke dienstverlening tot 53 procent in de horeca, met de accountancy op 73, de bouw op 69 en handel en productie op 67 procent.1
Gebruiken is nog geen toepassen
Waarvoor gebruiken MKB-bedrijven AI dan? Van de bedrijven die het gebruiken, noemt 56 procent sneller teksten schrijven of afbeeldingen genereren, 37 procent vergaderverslagen of vertalingen, 36 procent inzicht in de bedrijfsprestaties en 26 procent coderen voor website, webshop of apps.1
Bovenaan staan toepassingen waarmee één persoon sneller werkt: schrijven, verslagen maken, vertalen. Exact schrijft in het persbericht zelf dat MKB’ers AI vooral inzetten als losse tool en voor laagdrempelige taken.3 Nuttig, maar de winst blijft dan vaak bij die ene persoon en is voor het bedrijf lastig te zien. Vaak weet niemand precies hoeveel tijd het scheelt, of de kwaliteit beter wordt of slechter, en of het werk daarna anders loopt.
Sneller schrijven helpt één medewerker. Een proces dat sneller loopt, helpt het hele bedrijf.
Toepassen is iets anders. Dan zit AI in een proces: een offerteaanvraag die automatisch wordt voorbereid, een inkomende factuur die wordt uitgelezen en klaargezet voor de boekhouding, een klantvraag die wordt beantwoord met de gegevens die al in je CRM staan. Dan kun je meten wat het oplevert, omdat je weet hoe dat proces liep voordat er AI in zat. Hoe je AI aan je bestaande systemen koppelt, staat in AI-integratie: AI koppelen aan de systemen die je al gebruikt.
Wel een kans, minder vaak een prioriteit
Twee andere uitkomsten laten zien waar het schuurt. Van de ondervraagden ziet 66 procent in AI een kans om efficiënter te werken; voor 41 procent heeft investeren in AI prioriteit.1 De kans wordt dus breder gezien dan dat er prioriteit aan wordt gegeven.
Per sector loopt die prioriteit sterk uiteen. In de accountancy heeft investeren in AI voor 61 procent prioriteit, in de zakelijke dienstverlening voor 53 procent en in de bouw voor 27 procent.1 Leg je dat naast het gebruik per sector, dan is het verschil in de bouw het grootst: 69 procent zegt AI te gebruiken, 27 procent noemt investeren erin een prioriteit.
Dat gat heeft volgens ons minder met techniek te maken dan het lijkt. Het is een procesvraag: welk werk kost nu te veel tijd, en waar is een fout nog te herstellen? Zolang dat niet scherp is, blijft het bij losse experimenten. Daarover gaat ook ons artikel De vraag is niet welke AI-tool je nodig hebt, maar welk proces je wilt verbeteren.
Wie niet weet welk werk te veel tijd kost, kan ook niet kiezen waar AI moet helpen.
De aarzeling over bedrijfsdata is terecht
In het persbericht bij de barometer noemt Exact nog een cijfer: 48 procent vindt het nog spannend om medewerkers met bedrijfsdata in AI te laten werken.3 Die aarzeling is terecht.
In augustus 2024 meldde de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) dat ze meerdere meldingen van datalekken had gekregen doordat medewerkers persoonsgegevens van bijvoorbeeld patiënten of klanten met een AI-chatbot deelden. Medewerkers gebruiken chatbots volgens de AP vaak op eigen initiatief en tegen de afspraken met de werkgever in. Zijn daarbij persoonsgegevens ingevoerd, dan is dat een datalek. Valt het gebruik wél binnen het beleid, dan is het geen datalek, maar vaak ook niet wettelijk toegestaan. En de meeste bedrijven achter chatbots slaan alle ingevoerde gegevens op.4
Daar zit een les in. Een afspraak op papier houdt het niet vanzelf tegen, en een verbod alleen volgens ons ook niet: het gebruik verdwijnt er niet door, het verdwijnt uit beeld. Sta je het gebruik toe, dan moet je volgens de AP duidelijk maken welke gegevens medewerkers wel en niet mogen invoeren, en je kunt met de aanbieder regelen dat die de ingevoerde gegevens niet opslaat.4 Geef mensen daarnaast een goedgekeurde manier om het werk te doen waarvoor ze nu gegevens in een chatbot plakken.
Een verbod haalt AI zelden uit je bedrijf. Wel uit je zicht.
Daar komt de AI-verordening bij. Artikel 4 van die verordening, over AI-geletterdheid, geldt al sinds 2 februari 2025.5 Sinds de Digitale omnibus inzake AI op 27 juli 2026 in werking trad, staat daarin dat aanbieders en gebruiksverantwoordelijken van AI-systemen maatregelen nemen om de ontwikkeling van AI-geletterdheid bij hun personeel te ondersteunen. Een bepaald niveau hoeven ze niet te waarborgen.6 Zwaar is die eis niet. Maar ‘iedereen zoekt het zelf uit’ is ook geen maatregel. Welke regels uit de AI-verordening verder gelden, en vanaf wanneer, lees je in ons stuk over de AI-verordening en de transparantieplicht.
Hoe krijg je grip op het AI-gebruik in je bedrijf?
Je hoeft niet te beginnen met een AI-strategie van twintig pagina’s. Vijf stappen zijn genoeg om van los gebruik naar iets meetbaars te gaan.
1. Breng in kaart wat er al gebeurt, zonder schuldvraag
Vraag je mensen welke AI-tools ze gebruiken, waarvoor en met welke gegevens. Maak vooraf duidelijk dat het om een inventaris gaat en niet om een controle. Wie een reprimande verwacht, noemt alleen wat mag, en dan mis je precies het gebruik waar het risico zit.
2. Kies één proces en leg vast hoe het nu loopt
Niet ‘meer AI’, maar één proces waar veel tijd in gaat en waar een fout nog te herstellen is: offertes voorbereiden, inkomende mail sorteren, verslagen maken, facturen verwerken. Leg vast hoe lang het nu duurt, hoe vaak het misgaat en hoeveel handwerk erin zit. Zonder die nulmeting kun je straks niet zeggen wat AI heeft opgeleverd. Welke processen zich het best lenen voor een eerste stap, lees je in welke processen je als eerste automatiseert met AI.
3. Spreek af welke tools en welke gegevens mogen
Een korte lijst is genoeg. Welke tools zijn goedgekeurd? Welke gegevens mogen erin, zoals openbare teksten en eigen concepten? En welke niet, of alleen na toetsing? Persoonsgegevens van klanten of medewerkers horen alleen in tools waarvoor je een verwerkersovereenkomst hebt en waarvan je hebt nagegaan dat het gebruik mag. Medische en andere bijzondere persoonsgegevens krijgen extra bescherming in de wet: zet die niet zonder juridische toets in een AI-tool.4 Wie beantwoordt vragen, en hoe vraag je een nieuwe tool aan? Zet er een korte uitleg bij over wat de tools goed doen en waar ze de mist in gaan, en je hebt meteen een eerste stap in AI-geletterdheid.
4. Breng AI naar je systemen, in plaats van gegevens naar een losse chatbot
Veel risico zit in kopiëren en plakken: klantgegevens uit het CRM in een chatbot, het antwoord terug in een mail. Zit AI in het proces zelf, gekoppeld aan de systemen waar de gegevens al staan, met rechten per rol en een logboek van wat er gebeurt, dan hoeft niemand meer te plakken. De gegevens gaan dan nog steeds langs een AI-model, maar via een koppeling met vaste afspraken, en je bepaalt zelf welke gegevens een taak nodig heeft. En je ziet wat het oplevert. Zo werkt AI-automatisering bij ons: gekoppeld aan je bestaande systemen, één proces tegelijk.
5. Meet na een vaste periode en beslis
Vergelijk na een vaste periode, bijvoorbeeld vier tot zes weken, met de nulmeting: tijd per stuk, aantal fouten, doorlooptijd, en wat de mensen die ermee werken ervan vinden. Levert het aantoonbaar iets op, breid dan uit naar het volgende proces. Levert het niets op, stop dan, en neem mee wat je hebt geleerd. Beide zijn een goede uitkomst.
Stoppen is ook een uitkomst. Niet weten wat het oplevert, is dat niet.
AI waar het werkt, niet waar het hype is
Dat is het uitgangspunt waarmee wij naar AI kijken. De barometer laat zien dat het gebruik er in veel MKB-bedrijven al is. De volgende stap is daarom niet méér AI, maar AI op de plekken waar het aantoonbaar tijd of fouten scheelt.
Wil je weten waar dat bij jou zit? De gratis Quickscan stelt in ongeveer vijf minuten acht korte vragen over waar het knelt, en geeft je direct een diagnose met de volgende concrete stap. Liever meteen sparren? Plan een gesprek.
Veelgestelde vragen over AI-gebruik in het MKB
Hoeveel MKB-bedrijven gebruiken AI in 2026?
Volgens de MKB Barometer 2026 van Exact zegt 70 procent van de ondervraagde ondernemers en managers dat hun bedrijf AI gebruikt, tegen 33 procent in 2025 en 6 procent in 2024. De enquête liep onder 1.719 ondernemers en managers van MKB-bedrijven met 2 tot 250 werknemers. Het CBS, dat anders meet, kwam voor 2025 op basis van voorlopige cijfers uit op 17 procent van de bedrijven met twee of meer werkzame personen.
Waarvoor gebruikt het MKB AI het meest?
Vooral om sneller teksten te schrijven of afbeeldingen te genereren: 56 procent van de MKB-bedrijven die AI gebruiken noemt dat, volgens de MKB Barometer 2026 van Exact. Van de andere toepassingen in het rapport noemt 37 procent vergaderverslagen of vertalingen, 36 procent inzicht in de bedrijfsprestaties en 26 procent coderen voor website, webshop of apps.
Mogen medewerkers klantgegevens in een AI-chatbot zetten?
Niet zomaar. De Autoriteit Persoonsgegevens meldde in augustus 2024 dat ze meerdere meldingen van datalekken had gekregen doordat medewerkers persoonsgegevens van klanten of patiënten met een AI-chatbot deelden. Gebeurt dat tegen de afspraken met de werkgever in, dan is het volgens de AP een datalek; valt het binnen het beleid, dan is het vaak nog steeds niet wettelijk toegestaan. Ook slaan de meeste bedrijven achter chatbots volgens de AP alle ingevoerde gegevens op. Leg daarom vast welke tools zijn goedgekeurd en welke gegevens erin mogen, regel zo mogelijk met de aanbieder dat die de ingevoerde gegevens niet opslaat, en bied een goedgekeurde manier om het werk te doen. Gaat het toch mis, dan is een melding aan de AP en aan de betrokkenen in veel gevallen verplicht.
Hoe meet je wat AI oplevert?
Leg vóór de start vast hoe een proces nu loopt: hoe lang het duurt, hoe vaak het misgaat en hoeveel handwerk erin zit. Zet AI daarna in dat ene proces in en vergelijk na een vaste periode, bijvoorbeeld vier tot zes weken, met die nulmeting. Levert het aantoonbaar iets op, breid dan uit. Zo niet, stop dan. Los gebruik door individuele medewerkers is zo niet te meten, en daarom werkt één proces beter dan overal een beetje.